ECLI:NL:RVS:2011:BR5421
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- C.J.M. Schuyt
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering ongeloofwaardigheid folteringsverhaal
De vreemdeling had een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel afgewezen gekregen door de staatssecretaris van Justitie. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarbij zij het oordeel van de minister over de ongeloofwaardigheid van het asielrelaas onderschreef.
De vreemdeling voerde in hoger beroep aan dat zij ernstige littekens had die het gevolg waren van foltering door Oegandese autoriteiten, wat medisch werd ondersteund door een rapport van de Medische Onderzoeksgroep van Amnesty International (MOG-rapport). Dit rapport toonde aan dat de littekens typisch waren voor moedwillige verbranding met hete vloeistof en foltering met hete ijzers, hetgeen de verklaringen van de vreemdeling bevestigde.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de minister zich onterecht zonder nadere motivering op het standpunt had gesteld dat de verklaringen ongeloofwaardig waren, terwijl het MOG-rapport een sterke indicatie bood dat de folteringen hadden plaatsgevonden. Hierdoor was ook het oordeel over de overige verklaringen onvoldoende gemotiveerd. De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het besluit en veroordeelde de minister tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van de ongeloofwaardigheid van het folteringsverhaal.