ECLI:NL:RVS:2011:BT7420
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- R.R. Winter
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bezwaar tegen wijziging geslachtsnaam minderjarige dochter
De minister van Justitie had besloten om de aanvraag tot wijziging van de geslachtsnaam van de minderjarige dochter van appellant in de naam van haar moeder in overweging te nemen en het bezwaar van appellant tegen dit besluit ongegrond verklaard. De rechtbank had het beroep van appellant tegen dit besluit eveneens ongegrond verklaard.
Appellant stelde in hoger beroep dat de rechtbank een onjuist toetsingskader had gehanteerd en dat zijn belangen als vader onvoldoende waren meegewogen, onder meer omdat hij niet was gehoord in de bezwaarfase. De Raad van State oordeelde dat de minister het verzoek tot naamswijziging terecht had beoordeeld aan de hand van de geldende regelgeving, waarbij de instemming van de minderjarige dochter en de verzorging door de moeder gedurende ten minste drie jaar voor het verzoek doorslaggevend waren.
De Raad van State verwierp het betoog dat de belangenafweging onjuist was en dat de vader meer gewicht had moeten krijgen. Ook het argument dat appellant niet was gehoord in de bezwaarfase werd niet ontvankelijk verklaard omdat dit niet eerder was aangevoerd. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.