ECLI:NL:RVS:2011:BU8906
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- A.W.M. Bijloos
- N.S.J. Koeman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling handhaving illegale bewoning en intrekking bouwvergunning te Bergen
Het geschil betreft het verzoek van appellant tot handhaving tegen illegale bewoning van een slaapgebouw op een perceel te Bergen en de intrekking van een bouwvergunning die was overgeschreven op naam van wederpartij. Het college van burgemeester en wethouders van Bergen had handhavend optreden afgewezen en de intrekking van de bouwvergunning geweigerd. Appellant stelde beroep in tegen deze besluiten.
De rechtbank had het bezwaar van appellant tegen de overschrijving van de bouwvergunning niet-ontvankelijk verklaard en het beroep van wederpartij tegen het intrekkingsbesluit gegrond verklaard. Het college werd opgedragen nieuwe besluiten te nemen. Bij de Raad van State werd hoger beroep ingesteld tegen deze uitspraken.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de overschrijving van de bouwvergunning wel een besluit in de zin van de Awb is waartegen bezwaar en beroep openstaan, maar appellant geen belanghebbende is bij dit besluit. Daarom is zijn bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. Verder bevestigt de Afdeling dat het college bevoegd was om handhavend op te treden tegen de illegale bewoning en dat het college terecht heeft besloten de bouwvergunning niet in te trekken, mede gelet op de stilstand van de bouwwerkzaamheden en de intentie van wederpartij.
De beroepen tegen de besluiten van 4 mei 2011 en 1 juni 2011 worden ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De aangevallen uitspraken worden bevestigd.
Uitkomst: De aangevallen uitspraken worden bevestigd en de beroepen worden ongegrond verklaard.