ECLI:NL:RVS:2011:BV0418
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Geen toepassing terugkeerrichtlijn bij terugkeer naar EU-lidstaat of gelijkgestelde staat
De zaak betreft een hoger beroep van een vreemdeling tegen een uitspraak van de rechtbank die het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees. De vreemdeling was in vreemdelingenbewaring gesteld en overgedragen aan de Noorse autoriteiten op grond van de Dublin-verordening.
De kern van het geschil was of de terugkeerrichtlijn van toepassing was op de vreemdeling, aangezien Noorwegen geen lid is van de Europese Unie. De rechtbank had geoordeeld dat de richtlijn niet van toepassing was omdat de vreemdeling een claim had ingediend op grond van de Dublin-verordening.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft dit bevestigd en uitgebreid gemotiveerd dat Noorwegen voor de toepassing van de Dublin-verordening gelijk wordt gesteld met een lidstaat van de Europese Unie. Hierdoor geldt dat terugkeer naar Noorwegen niet als terugkeer in de zin van de richtlijn wordt beschouwd, zodat geen terugkeerbesluit vereist is.
Het hoger beroep werd daarom kennelijk ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd met verbetering van de gronden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd; het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.