Uitspraak
200502880/1, 23 januari 2008, zaak nr.
200702332/1en 14 juli 2010, zaak nr.
200909287/1. Deze uitspraken zien evenwel niet op de vraag op welk moment de verjaringstermijn aanvangt.
200901362/1/H2) vloeit voort dat de minister eerst met het wijzigingsbesluit van 9 april 2010 het recht heeft verkregen om de betaalde subsidie terug te vorderen. Dat betekent dat de verjaringstermijn eerst met de bekendmaking van het besluit van 9 april 2010 is aangevangen. Nu de minister de subsidies bij dit besluit zowel heeft gewijzigd als teruggevorderd, was de verjaringstermijn wat de subsidie voor het jaar 2000 betreft ten tijde van het nemen van het bestreden besluit niet verstreken. De minister was in zoverre dus bevoegd tot gedeeltelijke terugvordering van de vastgestelde subsidie voor het jaar 2000.