Uitspraak
201109132/1/A2behandeld op 20 januari 2012, waar de stichting, vertegenwoordigd door mr. G.G.M. Johannes, bijgestaan door [gemachtigde], Den Haag, vertegenwoordigd door mr. drs. O.J.D.M.L. Jansen, advocaat te Den Haag, en de staatssecretaris, vertegenwoordigd door mr. A.M. Nijboer, werkzaam bij Rijkswaterstaat dienst Noordzee, zijn verschenen. Voorts is daar gehoord Scheveningen Buiten B.V, vertegenwoordigd door mr. E.M.N. Noordover, advocaat te Amsterdam, bijgestaan door [projectmanager] bij Scheveningen Buiten B.V..
201107071/1/H1heeft de Afdeling de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 13 mei 2011 in zaak nr. 11/1306 bevestigd. In rechte staat derhalve vast dat Den Haag ingevolge artikel 1.4 van de Chw niet-ontvankelijk is in haar beroep tegen het besluit van 26 januari 2011.