Uitspraak
200800487/1) is de bestuursrechter slechts gehouden tot inhoudelijke beoordeling van een bij hem ingediend beroep tegen een besluit van een bestuursorgaan indien de indiener daarbij een actueel en reëel belang heeft. Indien dat belang is vervallen, is de bestuursrechter niet geroepen uitspraak te doen uitsluitend vanwege de principiële betekenis daarvan. Nu de stichting heeft verklaard dat zij geen inhoudelijk oordeel wenst omtrent het besluit van het college, bestaat in zoverre geen belang bij een behandeling van het door haar ingestelde hoger beroep. Hierbij is van belang dat het oordeel van de rechtbank niet doorwerkt in andere procedures waarbij de stichting in de toekomst mogelijk betrokken zal zijn en in zaak nr. 201010306/1/R2 een oordeel zal worden gegeven ten aanzien van de belanghebbendheid van de stichting.