ECLI:NL:RVS:2012:BW1618
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- B. van Wagtendonk
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boeteoplegging voor overtreding Wet arbeid vreemdelingen door dagbladuitgever
De zaak betreft een hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam die een boete van €88.000 wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) matigde tot €79.900. De minister had deze boete opgelegd aan een dagbladuitgever die vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning had laten werken bij de verspreiding van kranten.
De Raad voor de Rechtspraak bevestigt dat het ruime werkgeversbegrip in de Wav ook op de dagbladuitgever van toepassing is, ongeacht het ontbreken van een directe arbeidsovereenkomst met de vreemdelingen. De boeterapporten, opgesteld onder ambtseed, leveren voldoende bewijs dat de vreemdelingen werkzaamheden verrichtten ten behoeve van de dagbladuitgever. Verzoeken om getuigen te horen worden afgewezen wegens onvoldoende belang.
De Raad verwerpt het beroep op het beperktere werkgeversbegrip uit de Europese richtlijn 2009/52/EG en benadrukt dat de Wav strengere normen hanteert. Ook het betoog dat de dagbladuitgever niet verwijtbaar is, wordt verworpen omdat zij onvoldoende maatregelen heeft getroffen om overtreding te voorkomen. De opgelegde boete wordt niet gematigd ondanks het ontbreken van financieel voordeel. Klachten over schending van het EVRM worden eveneens afgewezen. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete van €79.900 wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen door de dagbladuitgever.