Uitspraak
200905473/1/V6is het aan de minister om aan te tonen dat sprake is van een overtreding. Anders dan [appellant] betoogt, zijn de boeterapporten I en II niet enkel gebaseerd op administratief onderzoek. In die boeterapporten, met de daarbij behorende bijlagen, waaronder de rapportages van de Belastingdienst van 24 juli 2008, zijn immers door medewerkers van de Belastingdienst verrichte, feitelijke waarnemingen neergelegd van arbeid die op de werklocatie is verricht. Voorts is van belang dat, zelfs indien alleen een administratief onderzoek aan de boeterapporten ten grondslag zou zijn gelegd, dat niet met zich zou hebben gebracht dat reeds daarom niet is aangetoond dat [appellant] de Wav heeft overtreden.
200708231/1), er geen wettelijke verplichting bestaat alle bij een controle aanwezige personen als getuige te horen. [appellant] heeft bovendien niet aangegeven welke kennis omtrent de feiten en omstandigheden bij de minister ontbrak, waardoor het noodzakelijk was één of meer vreemdelingen te horen alvorens een boete kon worden opgelegd. Daar komt bij dat bij boeterapport I wel een verklaring is gevoegd van de op 22 mei 2008 aangetroffen chauffeur die de vreemdelingen vervoerde in een bus met het opschrift [bedrijf]. [appellant] heeft bovendien niet weersproken dat alle vreemdelingen ten dienste van hem de in 2.2. omschreven arbeid hebben verricht.
200908558/1/V6). Ook bij de toepassing van deze beleidsregels en de daarin vastgestelde boetebedragen dient de minister in elk voorkomend geval te beoordelen of die toepassing strookt met de hiervoor bedoelde eisen die aan de aanwending van de bevoegdheid tot het opleggen van een boete moeten worden gesteld. Indien dat niet het geval is, dient de boete, in aanvulling op of in afwijking van het beleid, zodanig te worden vastgesteld dat het bedrag daarvan passend en geboden is.
200807994/1/V6) leidt de omstandigheid dat voor de vreemdelingen geen tewerkstellingsvergunningen zijn aangevraagd, reeds tot het oordeel dat [appellant] in strijd met de doelstellingen van de Wav heeft gehandeld, omdat hierdoor de daartoe bevoegde instantie - het UWV WERKbedrijf - niet heeft kunnen beoordelen of voor de tewerkstelling van de vreemdelingen prioriteitgenietend arbeidsaanbod aanwezig was en of de arbeidsvoorwaarden, arbeidsverhoudingen of arbeidsomstandigheden zich tegen de beoogde tewerkstelling verzetten. [appellant] wordt derhalve in zoverre niet in zijn betoog gevolgd.
200809204/1/V6het door de minister daartegen ingestelde hoger beroep gegrond heeft verklaard en die uitspraak heeft vernietigd, wordt [appellant] ook in zoverre niet in zijn betoog gevolgd.
200804654/1/V6), reden bestaat tot matiging van de opgelegde boete indien op basis van de door de beboete werkgever overgelegde financiële gegevens moet worden geoordeeld dat hij door de opgelegde boete onevenredig wordt getroffen. In de door [appellant] overgelegde financiële gegevens is geen grond gelegen voor het oordeel dat [appellant] door de opgelegde boete onevenredig wordt getroffen. Voor matiging van die boete bestaat daarom geen grond.