ECLI:NL:RVS:2012:BX5972
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- E. Steendijk
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over niet-ontvankelijkheid bezwaar bouwvergunning drijvende aanlegsteiger
Het dagelijks bestuur van het stadsdeel Oost van Amsterdam weigerde op 7 december 2010 een reguliere bouwvergunning voor het oprichten van een drijvende aanlegsteiger achter een perceel in het IJ te Amsterdam. Tegen dit besluit maakte de wederpartij bezwaar, dat aanvankelijk niet-ontvankelijk werd verklaard omdat het bezwaar niet tijdig bij het bestuursorgaan was ingediend.
De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond en vernietigde het besluit, waarbij het dagelijks bestuur werd opgedragen een nieuw besluit te nemen. Het bestuur stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De kern van het geschil betrof de vraag of het bezwaar tijdig en correct was ingediend, mede in het licht van de elektronische indieningsmogelijkheden en de communicatie tussen de wederpartij en het bestuurssecretariaat.
De Raad van State oordeelde dat het e-mailbericht van de wederpartij, ondanks dat het bestuursorgaan de elektronische weg niet formeel had opengesteld, wel als een poging tot bezwaar kon worden gezien. Het bestuur had de wederpartij een herstelmogelijkheid moeten bieden, wat niet is gebeurd. Bovendien was het bezwaar uiteindelijk op 20 januari 2011 bij het bestuur ingediend. Daarom bevestigde de Raad van State de uitspraak van de rechtbank, met verbeterde motivering, en bepaalde dat het bestuur opnieuw op het bezwaar moet beslissen.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en bepaalt dat het dagelijks bestuur opnieuw op het bezwaar moet beslissen.