Uitspraak
201202141/1/A1) is voor het beantwoorden van de vraag of concreet zicht op legalisering bestaat, het tijdstip van het nemen van het besluit op bezwaar beslissend. De aanvraag is ingediend op 30 juli 2011 en dateert derhalve van na het nemen van het besluit van 29 juni 2011. Ten tijde van het nemen van het besluit van 29 juni 2011 bestond geen aanleiding om te veronderstellen dat de raad zou willen meewerken aan de door [appellant] beoogde wijziging van de bestemming. Voorts bestond destijds geen aanleiding om te veronderstellen dat een omgevingsvergunning zou worden verleend, nu het college te kennen heeft gegeven niet bereid te zijn het strijdig gebruik te legaliseren. De rechtbank heeft derhalve terecht overwogen dat geen concreet zicht op legalisering bestaat.
200801122/1), is voor een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel nodig dat er aan het bestuursorgaan toe te rekenen concrete, ondubbelzinnige toezeggingen zijn gedaan door een daartoe bevoegd persoon, waaraan rechtens te honoreren verwachtingen kunnen worden ontleend.