ECLI:NL:RVS:2013:1803
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- A.B.M. Hent
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en afwijzing asielverblijfsvergunning Tamil-vreemdeling
De minister voor Immigratie, Integratie en Asiel wees op 25 april 2012 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De voorzieningenrechter van de rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de minister hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat de stukken die de vreemdeling in het verweerschrift had gevoegd, dateren van vóór de eerdere uitspraak en niet als nieuw kunnen worden beschouwd. Tevens oordeelde de Afdeling dat de aangevoerde rapporten en persberichten geen betrekking hebben op het individuele asielrelaas en dat de situatie in Sri Lanka voor afgewezen Tamil-asielzoekers niet zodanig is verslechterd dat dit het eerdere besluit kan aantasten.
Verder werden de aanvullende documenten, zoals krantenartikelen zonder vertaling, een brief van een pastoor zonder objectieve onderbouwing en informatie van de moeder van de vreemdeling, niet als nieuwe feiten erkend. De Afdeling concludeerde dat er geen grond is voor toetsing van het besluit van 25 april 2012 en verklaarde het beroep ongegrond.
De uitspraak van de voorzieningenrechter werd vernietigd en het beroep van de vreemdeling bij de rechtbank werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning blijft in stand.