ECLI:NL:RVS:2013:2011
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.J.J. van Buuren
- M.A.A. Mondt-Schouten
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Vernietiging wijzigingsplan Buitengebied Diepenheim wegens strijd met planologische regels
Het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente stelde op 26 maart 2013 het wijzigingsplan 'Wijzigingsplan Buitengebied Diepenheim, wijziging Deldensestraat 11' vast. Appellant en anderen stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat het college geen gebruik kon maken van de wijzigingsbevoegdheid uit het oude buitengebiedplan omdat dit plan sinds 22 maart 2013 niet meer het geldende planologische regime was. Ook op grond van het nieuwe buitengebiedplan was het college niet bevoegd tot vaststelling van het wijzigingsplan voor het perceel, dat was bestemd voor recreatie en natuur.
Verder is overwogen dat het wijzigingsplan in strijd is met de Beleidsregel vrijkomende agrarische bedrijfsbebouwing (Vab) voor zover podiumactiviteiten niet beperkt zijn tot inpandig gebruik. Andere bezwaren, zoals vermeende onzorgvuldigheden in de procedure, strijd met de Structuurvisie, verkeersveiligheid en geluidsoverlast, zijn niet gegrond bevonden. Het akoestisch rapport is adequaat en het hondenpension is geen geluidgevoelige bestemming in de zin van de Wet geluidhinder.
De Afdeling vernietigt het besluit tot vaststelling van het wijzigingsplan, maar laat de rechtsgevolgen daarvan deels in stand, met uitzondering van de plandelen met de bestemmingen 'Natuur', 'Agrarisch met waarden', 'Bos' en de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologische verwachting 1'. Tevens wordt de begripsbepaling van podiumactiviteiten aangevuld zodat deze activiteiten binnen een gebouw moeten plaatsvinden. Het college wordt opgedragen deze wijziging binnen vier weken te verwerken in het elektronisch vastgestelde plan. Tot slot wordt het griffierecht aan appellant en anderen vergoed.
Uitkomst: Het wijzigingsplan wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven deels in stand met een aanpassing van de begripsbepaling van podiumactiviteiten.