ECLI:NL:RVS:2017:2047
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- N. Verheij
- B.J. Schueler
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit planschadevergoeding na vrijstelling bouwhoogte industrieterrein Wormer
Het college van burgemeester en wethouders van Wormerland verleende in 2007 een vrijstelling van het bestemmingsplan voor de uitbreiding van een cacaofabriek met een verhoogde bouwhoogte tot 15 meter. De eigenaar van een aangrenzend perceel vorderde vervolgens een tegemoetkoming in de door hem gestelde planschade.
De rechtbank oordeelde dat het nadeel niet voorzienbaar was, maar de Afdeling bestuursrechtspraak stelde in een tussenuitspraak dat een binnenplanse vrijstellingsmogelijkheid tot 12 meter bouwhoogte wel voorzienbaar was, maar een hogere bouwhoogte niet. Het college moest het besluit heroverwegen met deze nuance.
Na nadere advisering door de SAOZ concludeerde het college dat de waardevermindering door de bouwhoogte boven 12 meter niet significant was. De Afdeling oordeelt dat het college het besluit van 19 november 2013 vernietigt wegens strijd met de Algemene wet bestuursrecht, maar de rechtsgevolgen van het besluit in stand laat. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de belanghebbende.
De uitspraak bevestigt dat binnenplanse vrijstellingsmogelijkheden relevant zijn voor de voorzienbaarheid van planschade, maar dat strikte voorwaarden aan de toepassing daarvan kunnen leiden tot het niet aannemen van voorzienbaarheid voor hogere bouwhoogtes. De zaak illustreert de zorgvuldigheid die bestuursorganen moeten betrachten bij het motiveren van besluiten over planschade.
Uitkomst: Het besluit van 19 november 2013 wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand en het college wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.