ECLI:NL:RVS:2013:2422
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins-de Vin
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens homoseksualiteit
De vreemdeling vroeg een verblijfsvergunning asiel aan, die door de minister op 12 januari 2011 werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna de vreemdeling hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling stelde vast dat de rechtbank en de minister ten onrechte alleen de geloofwaardigheid van het asielrelaas over de gebeurtenissen in het land van herkomst hadden beoordeeld, zonder te onderzoeken hoe de vreemdeling na terugkeer invulling zou geven aan zijn homoseksualiteit en of hij daardoor vervolging zou ondervinden. Dit is in strijd met het Europese recht en de jurisprudentie van het Hof van Justitie.
Het Hof oordeelde dat homoseksuelen een specifieke sociale groep vormen en dat van hen niet kan worden verlangd dat zij hun seksuele gerichtheid verbergen om vervolging te voorkomen. De Afdeling vernietigde daarom het besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees de zaak terug voor een correcte beoordeling. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd wegens onvoldoende beoordeling van het vervolgingsrisico op grond van homoseksualiteit.