ECLI:NL:RVS:2013:5
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens ontbreken nieuw feiten
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie had aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde de beroepen van de vreemdelingen gegrond en vernietigde de besluiten, met het bevel tot nieuwe besluitvorming.
De staatssecretaris stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte oordeelde dat het door de vreemdelingen overgelegde document, waarin de vredesrechter en de Colombiaanse Ombudsman het advies zouden geven Colombia te verlaten, een nieuw feit of veranderde omstandigheid zou zijn. Dit document was ongedateerd, bevatte fouten en was strijdig met eerdere verklaringen en ambtsberichten.
De Raad van State overwoog dat bij herhaalde besluiten van gelijke strekking alleen toetsing door de bestuursrechter mogelijk is indien nieuwe feiten of veranderde omstandigheden zijn aangevoerd die relevant zijn. Dit was hier niet het geval. Het ongedateerde document kon niet als nieuw feit worden aangemerkt en de vreemdelingen hadden niet aannemelijk gemaakt waarom het niet eerder kon worden overgelegd.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde de beroepen ongegrond. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De beroepen van de vreemdelingen tegen de afwijzing van hun verblijfsvergunningaanvragen worden ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.