ECLI:NL:RVS:2013:91
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vaststelling schadevergoeding wegens onrechtmatige bewaring in vreemdelingenrechtelijke procedure
De zaak betreft een hoger beroep van de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage die een terugkeerbesluit van de minister voor Immigratie en Asiel vernietigde en de minister veroordeelde tot betaling van een schadevergoeding aan de vreemdeling wegens onrechtmatige bewaring.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat het terugkeerbesluit ten grondslag lag aan een maatregel van bewaring die achteraf onrechtmatig werd bevonden. De rechtbank had de schadevergoeding toegekend zonder matiging, ondanks het feit dat de vreemdeling voorafgaand onrechtmatig in Nederland verbleef en niet meewerkte aan zijn terugkeer.
De Afdeling oordeelt dat de schadevergoeding betrekking heeft op de gehele periode van onrechtmatige bewaring en dat matiging alleen gerechtvaardigd is indien de vreemdeling aan de duur van de detentie heeft bijgedragen. Gezien de weigering van de vreemdeling om mee te werken aan zijn terugkeer, is een matiging van 50% passend.
De eerdere schadevergoeding van €4.610 wordt vernietigd en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van €2.305 over de periode van 22 juni 2011 tot 18 augustus 2011. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €2.305 wegens onrechtmatige bewaring.