Uitspraak
201104498/1/T1/A3heeft de Afdeling de staatssecretaris opgedragen het in die uitspraak beschreven gebrek in het besluit van 4 juni 2010 te herstellen.
Raad van State
De zaak betreft het besluit van 2 juni 2009 waarbij de minister het bevel tot stillegging van werkzaamheden bij [bedrijf] na een stofexplosie schriftelijk bevestigde. De rechtbank verklaarde het beroep van [bedrijf] gedeeltelijk gegrond en bepaalde dat de staatssecretaris opnieuw op bezwaar moest beslissen over het deel dat het productieproces stillegt indien hervat zoals vóór de stofexplosie.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep van de staatssecretaris behandeld en geoordeeld dat het bevel tot stillegging niet voldoende duidelijk en concreet was omschreven. Hierdoor is het besluit van 18 april 2012 in strijd met artikel 28, eerste lid, van de Arbowet en het rechtszekerheidsbeginsel. Het beroep van [bedrijf] tegen dit besluit is gegrond verklaard en het besluit vernietigd.
De Afdeling heeft tevens het bezwaar van [bedrijf] tegen het oorspronkelijke besluit van 2 juni 2009 gegrond verklaard voor zover het betrekking had op het stilleggen van het productieproces bij hervatting op dezelfde wijze als vóór de stofexplosie. Het besluit is in zoverre herroepen en de uitspraak treedt in de plaats van het besluit van 18 april 2012.
Verder is de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan [bedrijf] voor zowel de bezwaarprocedure als de beroepsprocedures. De uitspraak bevestigt het belang van duidelijke en concrete bestuursbesluiten en het rechtszekerheidsbeginsel in bestuursrechtelijke procedures.
Uitkomst: Het besluit tot stillegging van het productieproces is vernietigd wegens onvoldoende duidelijkheid, en het bezwaar van [bedrijf] is gegrond verklaard.