ECLI:NL:RVS:2013:BZ3345
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- H. Troostwijk
- P. Klein
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit verwijderen vaartuig uit openbaar water Amsterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft aan appellant een last onder bestuursdwang opgelegd om zijn vaartuig binnen zes weken uit het openbaar water te verwijderen omdat het vaartuig zonder ontheffing ligplaats innam in strijd met de Verordening op het binnenwater 2010 (Vob 2010).
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State en tevens een voorlopige voorziening verzocht. De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak heeft het verzoek behandeld en overwogen dat de besluiten rechtsgeldig zijn bekendgemaakt aan de gemachtigde van appellant.
Verder is vastgesteld dat het vaartuig niet als woonboot kan worden aangemerkt omdat het niet hoofdzakelijk wordt gebruikt als woonverblijf en geen woonvoorzieningen bevat. Het college heeft terecht geoordeeld dat het vaartuig een object is en dat het zonder ontheffing illegaal ligt. Er zijn geen bijzondere omstandigheden die handhaving in de weg staan. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.