Uitspraak
201107810/1/A1, voor zover hier van belang, overwogen dat de omstandigheid dat de met toepassing van artikel 3.30, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wro gecoördineerde besluiten ingevolge artikel 8.3, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wro voor de mogelijkheid van beroep worden aangemerkt als één besluit, niet wegneemt dat de beroepen tegen de desbetreffende besluiten ieder binnen zijn eigen beoordelingskader dienen te worden beoordeeld.
201204187/2/R4) is de Afdeling van oordeel dat in het licht van het rijks- en provinciaal beleid geen aanleiding bestaat voor het oordeel dat de raad de ontwikkeling van de manege niet heeft mogen voorzien in het zogenoemde Middenblok. Met hetgeen [appellante sub 1] heeft aangevoerd is niet aannemelijk gemaakt dat het beleid zich ertegen verzet dat binnen het zoekgebied is gekozen voor de betrokken locatie voor de manege. Aan de omstandigheid dat [appellante sub 1] de manege liever gerealiseerd ziet aansluitend aan recreatieve functies ten oosten van zijn bedrijf, ziet de Afdeling geen doorslaggevende betekenis toekomen, nu het gehele Middenblok als zoeklocatie geldt.