ECLI:NL:RVS:2013:BZ9033
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen inbewaringstelling vreemdeling in afwachting asielbeslissing
De staatssecretaris stelde de vreemdeling op 28 januari 2013 in vreemdelingenbewaring vanwege het risico dat hij zich aan toezicht zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou belemmeren. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en beval opheffing van de bewaring.
De staatssecretaris ging in hoger beroep en voerde aan dat de belangenafweging zorgvuldig was gemaakt, waarbij rekening werd gehouden met de veroordeling van de vreemdeling en zijn late asielaanvraag. De Raad van State oordeelde dat de belangenafweging in het proces-verbaal en de maatregel van bewaring voldoende inzichtelijk was gemaakt en dat de vreemdeling geen aanvullende feiten had aangevoerd die de afweging zouden wijzigen.
De Raad van State stelde vast dat de maatregel gerechtvaardigd was gezien het risico op onttrekking aan toezicht en het belemmeren van de uitzettingsprocedure. Ook het bezwaar van de vreemdeling dat geen voornemen tot afwijzing van de asielaanvraag was ontvangen, werd verworpen omdat dit voornemen op tijd was uitgereikt.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank, en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Een verzoek om schadevergoeding werd afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de inbewaringstelling wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank wordt vernietigd.