ECLI:NL:RVS:2013:CA0697
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- A. Hammerstein
- P.A. Koppen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging invordering dwangsom wegens overtreding sluitingstijden en aanwezigheidseisen café
De burgemeester van Rotterdam legde aan appellant een last onder dwangsom op wegens het overtreden van de sluitingstijden en de aanwezigheidseis in een openbare inrichting, het café aan een locatie in Rotterdam. Na het constateren van overtredingen op 30 november 2010, waaronder het open zijn van de inrichting na de toegestane sluitingstijd en het ontbreken van een beheerder, werd een dwangsom van €2.500 opgelegd.
Appellant maakte bezwaar tegen de invordering van de dwangsom en voerde aan dat de overschrijding slechts vijf minuten bedroeg en dat de afkoelperiode in acht was genomen. Tevens stelde appellant dat de rechtszekerheid was geschonden omdat niet duidelijk was welke overtredingen tot een dwangsom konden leiden.
De Raad van State oordeelde dat de overschrijding feitelijk 35 minuten bedroeg omdat de afkoelperiode niet correct was nageleefd en dat de exploitatie van de inrichting tijdens de afkoelperiode gewoon werd voortgezet. Daarnaast was het voor appellant voldoende duidelijk dat de last onder dwangsom betrekking had op meerdere bepalingen van de APV, waaronder artikel 2.3.2a. De bezwaren faalden en het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het besluit tot invordering van de dwangsom van €2.500 wegens overtreding van de sluitingstijden en aanwezigheidseisen.