ECLI:NL:RVS:2014:1282
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- J. Kramer
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete voor illegale onderverhuur zonder huisvestingsvergunning
Het college legde appellant een bestuurlijke boete van €12.000 op wegens overtreding van artikel 7, tweede lid, van de Huisvestingswet door het in gebruik geven van een aangewezen woning zonder huisvestingsvergunning aan anderen. Appellant betwistte de bevoegdheid van het college en de betrouwbaarheid van verklaringen van vermeende onderhuurders.
De rechtbank oordeelde dat het college bevoegd was en dat de verklaringen van de onderhuurders betrouwbaar waren, ondanks dat zij later tegenstrijdige verklaringen hadden afgelegd onder druk van appellant. De Raad van State bevestigt dit oordeel en stelt dat het boeterapport op ambtseed een betrouwbare basis vormt, tenzij bijzondere omstandigheden dat tegenspreken.
Verder is vastgesteld dat appellant de woning verhuurde voor een hoger bedrag dan hij zelf betaalde, wat de boete rechtvaardigt. De hoogte van de boete is vastgesteld in de huisvestingsverordening en is niet onredelijk hoog gelet op het maatschappelijke belang en het evenredigheidsbeginsel. Appellant bracht geen bijzondere omstandigheden aan die matiging van de boete rechtvaardigen.
Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete van €12.000 wegens het in gebruik geven van een woning zonder huisvestingsvergunning.