ECLI:NL:RVS:2014:1312
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing vergunning elektriciteitscentrale Eemshaven en effecten op Natura 2000-gebieden
De staatssecretaris van Economische Zaken en de colleges van gedeputeerde staten van Groningen, Fryslân en Drenthe verleenden vergunningen aan RWE Eemshaven Holding B.V. voor de bouw en exploitatie van een elektriciteitscentrale in de Eemshaven, inclusief havenuitbreidingen en natuurmaatregelen. Diverse milieu- en natuurorganisaties, waaronder Duitse verenigingen, stelden beroep in tegen deze besluiten.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde onder meer de kennisgeving aan Duitse belanghebbenden, inspraakmogelijkheden, terinzagelegging van stukken, de reikwijdte van de vergunning, en de naleving van internationale verplichtingen zoals het Verdrag van Espoo en de Habitatrichtlijn. De Raad oordeelde dat de kennisgeving en inspraak aan Duitse partijen adequaat waren en dat de vergunningverlening niet onrechtmatig was vanwege de aanvullende aanvraag voor de Noordkade.
Een belangrijk onderdeel betrof de passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden in Nederland en Duitsland. De Raad stelde vast dat de Nederlandse vergunningen mitigerende natuurmaatregelen bevatten die negatieve effecten op de Nederlandse gebieden voorkomen. Echter, de beoordeling van effecten op sommige Duitse Natura 2000-gebieden was onvolledig en niet gebaseerd op de meest actuele kritische depositiewaarden, waardoor de besluiten op dat punt in strijd waren met de Habitatrichtlijn.
Verder werd geoordeeld dat de gebruikte Duitse beoordelingsmethodiek in beginsel toelaatbaar was, maar dat de vergunningen geen mitigerende maatregelen bevatten voor de Duitse gebieden. Ook werden emissies van verzurende stoffen en kwik beoordeeld en geacht geen significante effecten te veroorzaken. De Afdeling concludeerde dat de vergunningen grotendeels rechtmatig zijn, maar dat de beoordeling van effecten op bepaalde Duitse Natura 2000-gebieden onvolledig was, wat gevolgen kan hebben voor de vergunningverlening.
Uitkomst: De vergunningen zijn grotendeels bevestigd, maar de beoordeling van effecten op bepaalde Duitse Natura 2000-gebieden is onvolledig verklaard.