ECLI:NL:RVS:2014:2105
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- M.W.L. Simons-Vinckx
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing handhaving bestemmingsplan Deurne inzake grasinzaai en verhardingen
Het college van burgemeester en wethouders van Deurne wees een verzoek tot handhaving af tegen het gebruik van diverse percelen in strijd met het bestemmingsplan. De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellante sub 1 ontvankelijk en vernietigde delen van het besluit, maar liet andere onderdelen in stand. Zowel appellante sub 1 als appellant sub 2 gingen in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat appellante sub 1 wel als belanghebbende moest worden aangemerkt bij het verzoek tot handhaving tegen het inzaaien van gras op perceel R 188 en dat de rechtbank ten onrechte geen oordeel had gegeven over perceel R 189. Het inzaaien van gras werd echter niet als strijdig met de bestemming "Bos en Natuur (GHS)" aangemerkt.
Verder werden de bezwaren van appellant sub 2 tegen handhaving van verhardingen bij gebouwen A, B en C afgewezen. De Afdeling bevestigde dat het college terecht van handhaving kon afzien bij gebouw B vanwege bijzondere omstandigheden en dat er geen concreet zicht op legalisering bestond ten tijde van het besluit voor de andere verhardingen. Het beroep van appellante sub 1 tegen het besluit van 4 december 2013 werd eveneens ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant sub 2 wordt ongegrond verklaard; het hoger beroep van appellante sub 1 wordt deels gegrond verklaard maar het beroep op handhaving tegen het inzaaien van gras wordt ongegrond verklaard.