ECLI:NL:RVS:2014:2538
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- J. de Vries
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bevoegdheid tot spoedeisende bestuursdwang bij hennepkwekerij in woning te Rozenburg
In deze bestuursrechtelijke zaak stond de toepassing van spoedeisende bestuursdwang centraal, waarbij het dagelijks bestuur op 4 april 2012 een hennepkwekerij in een woning te Rozenburg ontmantelde. Het bestuur had het besluit tot bestuursdwang op 7 juni 2012 schriftelijk vastgelegd en het bezwaar van appellant ongegrond verklaard. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat het dagelijks bestuur terecht bestuursdwang toepaste op grond van artikel 1a, tweede lid, van de Woningwet, omdat de situatie niet alleen brandgevaarlijk was door een onprofessionele elektrische installatie, maar ook risico's op geluidsoverlast, waterschade, legionellabesmetting en gevaar door chemicaliën bestonden. De specifieke voorschriften uit het Bouwbesluit 2012 boden onvoldoende grondslag voor handhaving tegen deze gecombineerde gevaren.
Verder was de Raad van State van oordeel dat de situatie spoedeisend was, zodat onmiddellijke bestuursdwang gerechtvaardigd was. Minder ingrijpende maatregelen zoals sluiting van de woning of afsluiting van elektriciteit waren onvoldoende of te vergaand. Ook het feit dat het schriftelijke besluit tot bestuursdwang pas na ongeveer twee maanden werd vastgesteld, leidde niet tot onrechtmatigheid omdat appellant de beslissing in bezwaar en beroep kon aanvechten.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.