ECLI:NL:RVS:2014:3378
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- F.C.M.A. Michiels
- G. Snijders
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing nadeelcompensatie wegens normale maatschappelijke ontwikkeling infrastructurele werkzaamheden
Appellant verzocht om nadeelcompensatie wegens extra kosten als gevolg van een tijdelijke wegafsluiting voor infrastructurele werkzaamheden. Het college wees dit verzoek af, waarna de rechtbank oordeelde dat het college een gebrek in het besluit had hersteld en de rechtsgevolgen van het besluit in stand liet.
Appellant stelde dat de bewijslast was voldaan en dat de omrijdkosten niet tot het normaal ondernemersrisico behoren. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat tijdelijke schade door infrastructurele maatregelen in beginsel tot het normaal ondernemersrisico behoort, mede gelet op de duur van de werkzaamheden, bereikbaarheid en aard van de schade.
Het advies van de SAOZ, waarop het college zich baseerde, concludeerde dat appellant onvoldoende schade had aangetoond en dat de omrijdkosten (€33.810) slechts 2,5% van de toerekenbare kosten van 2009 bedroegen, wat als relatief gering werd beschouwd.
De Afdeling verwierp het betoog dat het college een verkeerde maatstaf hanteerde door de omrijdkosten af te zetten tegen toerekenbare kosten in plaats van nettoresultaat. Ook werd geoordeeld dat er geen vaste drempel of korting hoeft te worden gehanteerd en dat de werkzaamheden als normale maatschappelijke ontwikkeling kunnen worden aangemerkt.
De Afdeling bevestigde de eerdere uitspraken en wees het hoger beroep af, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om nadeelcompensatie bevestigd.