ECLI:NL:RVS:2014:3864
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- G. van der Wiel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak voorzieningenrechter en ongegrondverklaring beroep vreemdeling op asielweigering
De vreemdeling diende op 15 april 2013 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris wees deze aanvraag op 10 februari 2014 af, omdat Malta verantwoordelijk was voor de behandeling volgens de Dublinverordening. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarbij de staatssecretaris werd opgedragen een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, stellende dat het nieuwe besluit voldoende was gemotiveerd, met name over het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten opzichte van Malta. De voorzieningenrechter had onvoldoende rekening gehouden met het rapport van Pro Asyl uit 2012, dat mogelijke tekortkomingen in de opvang in Malta signaleerde.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde echter dat het rapport van Pro Asyl onvoldoende grond bood om te concluderen dat alleenstaande mannelijke Dublinclaimanten in het algemeen geen opvang in Malta krijgen. Ook is niet gebleken dat de vreemdeling niet bij de Maltese autoriteiten kan klagen over een gebrek aan opvang. Daarom werd de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 23 oktober 2014 in het openbaar gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.