ECLI:NL:RVS:2014:3983
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete voor overtreding Wet arbeid vreemdelingen wegens ontbreken tewerkstellingsvergunning
De minister legde aan [appellant] een boete van €16.500 op wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav), omdat vreemdelingen arbeid verrichtten zonder de vereiste tewerkstellingsvergunningen en de benodigde documenten niet aan de opdrachtgever werden verstrekt. De rechtbank verklaarde het beroep van [appellant] ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Raad van State.
In het hoger beroep voerde [appellant] aan dat de vreemdelingen als zelfstandigen werkten en dat de verklaringen die dit tegenspraken onbetrouwbaar waren. De Raad van State oordeelde echter dat de feitelijke situatie en verklaringen voldoende bewijs leverden dat de vreemdelingen onder gezag van [appellant] werkten en dat er geen uitzonderingen op de vergunningplicht van toepassing waren.
Daarnaast stelde [appellant] dat de boete disproportioneel was en dat er sprake was van dubbele bestraffing. De Raad van State verwierp deze argumenten, benadrukkend dat het de verantwoordelijkheid van de werkgever is om te controleren of aan de Wav wordt voldaan en dat de boete passend was gegeven de ernst van de overtredingen.
De Raad van State bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de boete van €16.500 wordt bevestigd.