ECLI:NL:RVS:2014:4724
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking drank- en horecavergunning wegens slecht levensgedrag en gevaar voor openbare orde
De burgemeester van Nijmegen heeft op 11 december 2013 de drank- en horecavergunning van appellanten ingetrokken en een weigeringsperiode van één jaar vastgesteld. De intrekking was gebaseerd op het oordeel dat een leidinggevende niet voldeed aan de eis van goed levensgedrag en dat de vergunning gevaar opleverde voor de openbare orde.
De rechtbank Gelderland verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Raad van State. Appellanten betoogden onder meer dat de burgemeester onterecht ook een strafbeschikking had meegewogen bij de beoordeling van het levensgedrag en dat de termijn van één jaar onterecht was vastgesteld.
De Raad van State oordeelde dat de burgemeester terecht ook andere feiten dan de politierechterlijke veroordeling mocht meewegen bij de beoordeling van het levensgedrag. Tevens was de burgemeester bevoegd en voldoende gemotiveerd om de vergunning in te trekken vanwege feiten die de vrees voor gevaar voor de openbare orde rechtvaardigen, waaronder geweldsincidenten rondom voetbalwedstrijden. De termijn van één jaar werd als passend beschouwd om de openbare orde te herstellen.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond wegens het niet beoordelen van de termijnstelling door de rechtbank, maar bevestigde de uitspraak van de rechtbank met verbeterde motivering. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen en het griffierecht werd terugbetaald.
Uitkomst: De intrekking van de drank- en horecavergunning wordt bevestigd en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.