ECLI:NL:RVS:2014:646
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep inzake bevoegdheid college bij Wob-verzoek
Op 7 juli 2012 verzocht appellant de raad om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Het college verstrekte de gevraagde informatie op 4 september 2012. Appellant diende bezwaar in tegen het niet tijdig nemen van een besluit, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en niet-ontvankelijk.
Appellant stelde hoger beroep in tegen deze uitspraken met het argument dat het college niet bevoegd was om op zijn Wob-verzoek te beslissen, omdat de bevoegdheid niet rechtsgeldig aan het college was gedelegeerd. Hij wenste een principieel oordeel hierover.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellant geen actueel en reëel belang meer heeft bij inhoudelijke beoordeling omdat alle gevraagde informatie is verstrekt. Een principiële uitspraak over de bevoegdheid wordt niet als voldoende belang aangemerkt. Daarom verklaarde de Afdeling de hoger beroepen niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan actueel en reëel belang.