ECLI:NL:RVS:2016:101
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bestuursdwang wegens strijd met motiveringsbeginsel
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam heeft op 26 april 2015 spoedeisende bestuursdwang toegepast door een huisvuilzak te verwijderen die in strijd met de Afvalstoffenverordening Rotterdam 2009 was aangeboden. De kosten van bestuursdwang werden aan appellant opgelegd. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het college werd afgewezen. Vervolgens stelde appellant beroep in bij de Raad van State.
De Raad oordeelt dat het besluit van 22 mei 2015 onbevoegd is genomen omdat het is ondertekend door een niet-bestaande functie, maar dat dit gebrek is hersteld door het besluit op bezwaar. Verder heeft het college appellant ten onrechte niet in de gelegenheid gesteld om te worden gehoord, hoewel dit gebrek door het proces bij de Afdeling is gecompenseerd. De toerekening van de overtreding aan appellant is terecht omdat een poststuk met zijn naam in de zak werd aangetroffen en appellant geen aannemelijke tegenbewijs leverde.
Het college heeft echter niet inhoudelijk gereageerd op het betoog van appellant dat het gelijkheidsbeginsel is geschonden doordat buurtbewoners wel de gelegenheid kregen om huisvuil op juiste wijze aan te bieden, terwijl appellant die kans niet kreeg. Dit leidt tot strijd met het motiveringsbeginsel. Daarom vernietigt de Raad het besluit van 24 juni 2015 en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het college wordt vernietigd wegens strijd met het motiveringsbeginsel en het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.