ECLI:NL:RVS:2016:1876
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A. Hagen
- N.S.J. Koeman
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing tegemoetkoming planschade wegens voorzienbaarheid woningbouwproject Beinum West
Appellanten zijn eigenaren van woningen in Doesburg die stellen dat hun woningen in waarde zijn gedaald door het woningbouwproject Beinum West fase 1a, waarvoor het college vrijstelling verleende van het bestemmingsplan. Zij vroegen om tegemoetkoming in planschade, maar het college wees deze verzoeken af omdat de schade voorzienbaar zou zijn geweest.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, waarna zij hoger beroep instelden bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak toetste of het college het verbod van vooringenomenheid had geschonden en of het woningbouwproject voorzienbaar was op het moment van aankoop van de percelen.
De Afdeling oordeelde dat de publicatie in de krant en het voorzitten van de hoorzitting door de burgemeester geen vooringenomenheid opleverden. Vervolgens werd vastgesteld dat het structuurplan 1976, waarin woningbouw in het gebied was voorzien, op het moment van aankoop nog steeds gold. Andere latere plannen en beleidsuitingen konden deze voorzienbaarheid niet doorbreken. Voor appellant 2 was op basis van de structuurvisie 1998 eveneens voorzienbaar dat de planologische situatie nadelig kon veranderen.
De Afdeling bevestigde daarom dat de planschade voor rekening van appellanten komt en wees hun hoger beroep af.
Uitkomst: De verzoeken om tegemoetkoming in planschade worden afgewezen omdat de waardevermindering voorzienbaar was.