ECLI:NL:RVS:2016:2206
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verlenging tewerkstellingsvergunning wegens onvoldoende wervingsinspanningen
De vennootschap en appellant hebben beroep ingesteld tegen het besluit van de Raad van Bestuur van het UWV om hun aanvraag tot verlenging van een tewerkstellingsvergunning voor een Turkse brood- en banketbakker af te wijzen. De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt deze uitspraak.
De kern van het geschil betreft de vraag of de vennootschap gedurende de looptijd van de vergunning voldoende actieve wervingsinspanningen heeft verricht conform de aan de vergunning verbonden voorschriften. Hoewel de vennootschap enkele advertenties heeft geplaatst in landelijke en regionale dagbladen en de vacature heeft gemeld bij UWV en Eures, heeft zij niet voldaan aan alle vereisten, zoals het continueren van vacatures op internet en het naleven van de voorschriften omtrent vacatureteksten.
De rechtbank en de Afdeling overwegen dat de vennootschap in overwegende mate niet heeft voldaan aan haar verplichtingen, mede omdat zij haar vacature op werk.nl niet heeft voortgezet en een advertentie in een Turkse krant niet vertaald was. De stelling dat eerdere vergunningen waren verleend bij afwezigheid van prioriteitgenietend aanbod faalt, evenals het betoog dat het ontbreken van reacties op advertenties tot een ander oordeel zou moeten leiden.
De Afdeling concludeert dat het besluit tot afwijzing van de verlenging terecht is genomen en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De aanvraag tot verlenging van de tewerkstellingsvergunning is terecht afgewezen wegens onvoldoende naleving van de wervingsvoorschriften.