ECLI:NL:RVS:2016:2323
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankuitspraak over niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen weigering verlenging terrasvergunning
Appellant, eigenaar en verhuurder van een horecapand, verzocht om verlenging van een aan derden verleende terrasvergunning, welke door de burgemeester werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellant niet-ontvankelijk omdat hij slechts een afgeleid belang had en niet als belanghebbende kon worden aangemerkt.
Appellant stelde in hoger beroep dat hij wel rechtstreeks belang had vanwege zijn zakelijke rechten als verhuurder en dat de rechtbank onverenigbaar had geoordeeld over zijn belanghebbende status. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat de vergunning persoonsgebonden is en appellant slechts een afgeleid belang heeft, mede omdat de huurovereenkomst liep tot 2017 en het besluit van 2014 werd genomen toen het belang niet actueel was.
De Raad van State verwierp het beroep en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarmee het bezwaar van appellant niet-ontvankelijk blijft en de weigering tot verlenging van de vergunning rechtsgeldig is. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.