ECLI:NL:RVS:2016:2597
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering openbaarmaking loonstaten oud-wethouders 2006-2007
In deze zaak heeft appellant een Wob-verzoek ingediend voor openbaarmaking van documenten over wachtgelden aan oud-wethouders vanaf 2000. Het college verstrekte een overzicht over 2005 tot april 2013, maar weigerde loonstaten en jaaropgaven van vóór 2008 openbaar te maken. Na diverse procedures vernietigde de rechtbank en de Afdeling bestuursrechtspraak eerdere besluiten en bepaalde dat het college opnieuw moest beslissen.
Het college besloot in januari 2016 tot geanonimiseerde openbaarmaking van loonstaten en jaaropgaven van 2008 tot april 2013, maar wees het verzoek voor 2006 en 2007 af wegens vernietiging van de documenten volgens de Archiefwet. Appellant stelde dat het college deze documenten ten onrechte had vernietigd en onvoldoende onderzoek had gedaan.
De Afdeling oordeelt dat het college na het Wob-verzoek verplicht was de documenten te bewaren en dat vernietiging niet was toegestaan. Het besluit op bezwaar is daarom niet zorgvuldig voorbereid en wordt vernietigd voor zover het de jaren 2006 en 2007 betreft. Omdat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat de documenten toch bestaan, hoeft het college geen nieuw besluit te nemen.
Daarnaast wordt het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk verklaard, omdat het college alsnog tijdig heeft besloten. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit is niet-ontvankelijk; het besluit tot weigering openbaarmaking loonstaten 2006-2007 wordt vernietigd.