ECLI:NL:RVS:2016:949
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over ondeugdelijke motivering inbewaringstelling vreemdeling
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie stelde een vreemdeling op 6 augustus 2015 opnieuw in vreemdelingenbewaring. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, oordeelde dat de motivering van het besluit ondeugdelijk was en beval opheffing van de bewaring met schadevergoeding.
De staatssecretaris ging in hoger beroep en voerde aan dat de vreemdeling niet opnieuw gehoord hoefde te worden voorafgaand aan de inbewaringstelling, omdat hij reeds eerder was gehoord bij eerdere bewaringen. De Raad van State overwoog dat de motiveringsvereisten van de Terugkeerrichtlijn en de jurisprudentie van het Hof van Justitie vereisen dat de staatssecretaris actief moet onderzoeken of de feiten en omstandigheden die de bewaring rechtvaardigen nog steeds aanwezig zijn en dat de vreemdeling de mogelijkheid moet krijgen om bijzondere persoonlijke omstandigheden aan te voeren.
De Afdeling stelde vast dat de staatssecretaris deze verplichtingen niet is nagekomen en dat de uitzondering op de hoorplicht in het Vreemdelingenbesluit 2000 strijdig is met de Europese regelgeving. Het hoger beroep van de staatssecretaris werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Tot slot werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.