ECLI:NL:RVS:2017:1016
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- W. Sorgdrager
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning wegens strijd met verstedelijkingsverbod en onvoldoende ruimtelijke onderbouwing
Het college van burgemeester en wethouders van Lopik verleende op 20 juni 2014 een omgevingsvergunning voor de bouw van een bedrijfsruimte en kantoor ter vervanging van diverse bijgebouwen op een perceel te Benschop. [Appellant], wonende op het naastgelegen perceel, maakte bezwaar tegen deze vergunning vanwege mogelijke aantasting van het woon- en leefklimaat.
De rechtbank Midden-Nederland verklaarde het beroep van appellant gegrond en vernietigde het besluit, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Het college vulde de ruimtelijke onderbouwing aan, waarop de rechtbank oordeelde dat de gebreken waren hersteld.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State stelt echter dat het college het bouwplan niet mocht toestaan omdat het in strijd is met het verstedelijkingsverbod van de Provinciale Ruimtelijke Verordening 2013. Het bouwplan betreft een uitbreiding van een feitelijk bestaand, maar planologisch niet toegestaan niet-agrarisch bedrijf, wat niet valt onder de uitzonderingen in de verordening. Hierdoor is de vergunning onrechtmatig verleend.
De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor zover de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand zijn gelaten en bepaalt dat het college een nieuw besluit moet nemen, waarbij het de nieuwe Provinciale Ruimtelijke Verordening moet toepassen. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en het college dient een nieuw besluit te nemen waarbij de Provinciale Ruimtelijke Verordening wordt toegepast.