ECLI:NL:RVS:2017:1162
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over niet-behandeling asielaanvragen op grond van Dublinverordening
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie nam op 25 oktober 2016 besluiten om de asielaanvragen van twee vreemdelingen niet in behandeling te nemen. De vreemdelingen voerden aan dat de staatssecretaris ten onrechte geen toepassing gaf aan artikel 16 en Pro 17 van de Dublinverordening, omdat zij familieleden in Nederland hebben die afhankelijk zijn van hun hulp.
De rechtbank verklaarde de beroepen van de vreemdelingen gegrond, vernietigde de besluiten en beval nieuwe besluitvorming. De staatssecretaris ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de staatssecretaris zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat de medische stukken onvoldoende aantonen dat de familieleden afhankelijk zijn van de vreemdelingen en dat er geen bijzondere individuele omstandigheden zijn die toepassing van de genoemde artikelen rechtvaardigen.
Daarom verklaarde de Afdeling het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde de beroepen van de vreemdelingen ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen van de vreemdelingen worden ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank wordt vernietigd.