ECLI:NL:RVS:2017:1246
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.J.J. van Buuren
- W. Sorgdrager
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen kostenverhaal bestuursdwang na asbestverontreiniging door brand bedrijfsloods
Na een brand in een bedrijfsloods met asbesthoudende dakbedekking ontstond een ernstige asbestverontreiniging in Wateringen. Het college van burgemeester en wethouders van Westland legde bestuursdwang op aan de eigenaren om saneringsmaatregelen te treffen en verhaalde de kosten op hen.
De appellanten voerden aan dat de spoedeisendheid van bestuursdwang niet was aangetoond, dat het college onzorgvuldig handelde door geen vooraf gemaakte afspraken met saneringsbedrijven te hebben, en dat de kosten onredelijk hoog en deels onterecht waren. Ook werd betwist dat alle werkzaamheden onder de opgelegde lasten vielen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat asbest een gevaarlijke stof is die ernstige nadelige gevolgen voor mens en milieu kan veroorzaken, waardoor spoedeisende bestuursdwang gerechtvaardigd was. Het college had de situatie adequaat gemotiveerd en gehandeld binnen de wettelijke kaders. De kosten waren inzichtelijk, redelijk en toerekenbaar aan de eigenaren, die als mede-eigenaren verantwoordelijk zijn voor het voorkomen van milieuschade.
De bezwaren tegen de hoogte en aard van de kosten, waaronder de reiniging van voertuigen en toezichtskosten, werden verworpen. Ook het verzoek om een second opinion werd niet gehonoreerd. De beroepen werden ongegrond verklaard en het college mocht de kosten volledig verhalen.
Uitkomst: Het beroep tegen het kostenverhaal van bestuursdwang na de asbestverontreiniging is ongegrond verklaard.