ECLI:NL:RVS:2017:1832
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en afwijzing asielaanvragen vreemdelingen uit Afghanistan
De vreemdelingen uit Afghanistan hadden asiel aangevraagd op grond van een ontvoering en moord op hun oudste dochter, gevolgd door dreiging jegens hun gezin. De staatssecretaris wees de aanvragen af, waarbij hij het asielrelaas niet geloofwaardig achtte. De rechtbank vernietigde dit besluit en beval hernieuwde besluitvorming.
In hoger beroep stelde de staatssecretaris dat het medisch onderzoek door de Forensisch Medische Maatschappij Utrecht (FMMU) voldoende was en dat vreemdeling 2 in staat was haar verhaal coherent te vertellen. De rechtbank had dit volgens hem onvoldoende gemotiveerd. De Raad van State oordeelde dat het FMMU-advies zorgvuldig was en dat de staatssecretaris zijn vergewisplicht had vervuld. Het latere rapport van het instituut voor Mensenrechten en Medisch Onderzoek (iMMO) was niet doorslaggevend omdat het na de gehoren was opgesteld.
Verder stelde de staatssecretaris terecht dat de verklaringen over de oudste dochter relevant waren voor de geloofwaardigheid van het vertrek uit Afghanistan. Ook was het niet onredelijk dat de staatssecretaris twijfelde aan het relaas vanwege tegenstrijdigheden, gebrek aan documenten en onvoldoende concrete details. Het hoger beroep van de staatssecretaris werd gegrond verklaard, het incidenteel hoger beroep van de vreemdelingen ongegrond. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en de beroepen ongegrond verklaard.
Uitkomst: De beroepen van de vreemdelingen tegen de afwijzing van hun asielaanvragen worden ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.