ECLI:NL:RVS:2017:2186
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- B.P. Vermeulen
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van rechtbankuitspraak over MZI-vergunningen en overgangstermijnen voor mosselzaadvissers
Deze bestuursrechtelijke zaak betreft hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant over vergunningen voor mosselzaadvissen met mosselzaadinvanginstallaties (MZI). De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit had in 2010 vergunningen verleend aan verschillende mosselbedrijven voor het vissen op mosselzaad. Na bezwaren en eerdere uitspraken werd de staatssecretaris opgedragen opnieuw te beslissen over de vergunningen en overgangstermijnen.
De kern van het geschil betrof de vraag of Roem van Yerseke, Mosselbank en De Koning als pioniers van het eerste uur konden worden aangemerkt, wat hen een uitzonderingspositie en langere overgangstermijn zou geven. De staatssecretaris stelde op basis van een accountantsrapport dat zij geen substantiële investeringen vóór 2005 hadden gedaan en daarom niet als pioniers konden worden beschouwd. De rechtbank oordeelde dat de overgangstermijn van zes jaar voldoende compensatie bood en dat de hectaretoewijzing op basis van de daadwerkelijk gebruikte MZI-systemen in 2008 redelijk was.
De Raad van State bevestigt dit oordeel. De staatssecretaris was bevoegd om de regels te stellen en de overgangstermijn vast te stellen. De investeringen van de appellanten in de experimenteerfase waren kleinschalig en gericht op onderzoek, niet op commerciële exploitatie. De toegewezen oppervlakte voor MZI’s is passend berekend. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.