ECLI:NL:RVS:2017:2318
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- S.F.M. Wortmann
- H.G. Sevenster
- N.S.J. Koeman
- Rechtspraak.nl
Weigering omgevingsvergunning voor vijf windturbines in Amsterdam wegens strijd met provinciale ruimtelijke verordening
Gedeputeerde Staten van Noord-Holland weigerden op 15 november 2016 een omgevingsvergunning aan Coöperatie NDSM energie U.A. voor het bouwen van vijf windturbines in Amsterdam, omdat de aanvraag niet voldeed aan de voorwaarden van de Provinciale Ruimtelijke Verordening 2016 (PRV). De turbines moesten in een lijnopstelling van minimaal zes windturbines worden geplaatst en op minimaal 600 meter afstand van gevoelige bestemmingen staan. De gemeente Amsterdam, het college van burgemeester en wethouders en NDSM stelden beroep in tegen dit besluit.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat zowel de gemeente als het college belanghebbende zijn bij het besluit. De Afdeling toetste de provinciale regeling en concludeerde dat deze niet in strijd is met hogere regelgeving, waaronder Europese richtlijnen en het Handvest inzake lokale economie. De afstandseis van 600 meter en de lijnopstellingsvereiste zijn gegrond en redelijk gemotiveerd, mede gelet op ruimtelijke kwaliteit en landschapsbehoud.
De Raad van State verwierp de argumenten dat de regeling in strijd zou zijn met de gemeentelijke autonomie, milieueffectbeoordeling, milieuregelgeving, en het vrije verkeer van goederen en diensten binnen de EU. De aangevraagde turbines voldeden niet aan de lijnopstellingsvoorwaarde en de afstandseis, waardoor de weigering terecht was. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de omgevingsvergunning voor vijf windturbines wordt ongegrond verklaard.