ECLI:NL:RVS:2017:2601
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- B.P.M. van Ravels
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens ontbreken rechtstreeks belang bij handhavingsbesluit
Het college van burgemeester en wethouders van Soest legde op 24 november 2015 een last onder dwangsom op aan partijen om het bewonen en kantoorgebruik van een bouwwerk op een perceel te staken en bouwkundige voorzieningen te verwijderen. Appellant, die een taxatierapport had opgesteld voor partijen, maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het college verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk wegens ontbreken van een rechtstreeks belang. De rechtbank bevestigde deze niet-ontvankelijkheid en verklaarde het beroep ongegrond.
Appellant stelde in hoger beroep dat hij wel een eigen belang had bij het besluit, omdat hij op basis van gemeentelijke informatie een advies had gegeven en door het besluit schade leed die het college erkende. Tevens voerde hij aan dat zijn belang niet volledig samenvalt met dat van partijen en dat hij tegen een specifiek onderdeel van de last zelfstandig kon opkomen.
De Raad van State overwoog dat appellant slechts een afgeleid belang heeft, voortvloeiend uit de privaatrechtelijke relatie met partijen, en dat zijn belang niet rechtstreeks bij het besluit is betrokken. Het college had het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.