ECLI:NL:RVS:2017:2912
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- W. Sorgdrager
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen weigering handhavend optreden bedrijventerrein Waterlaat
Het college van burgemeester en wethouders van Bergeijk wees het verzoek van een wederpartij om handhavend op te treden tegen met het bestemmingsplan strijdige activiteiten op het bedrijventerrein Waterlaat af. Appellante sub 1 en het college stelden hoger beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant die het beroep van de wederpartij gegrond verklaarde en het besluit tot afwijzing vernietigde.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het hoger beroep en stelde vast dat het hoger beroep van het college niet tijdig was ingediend en daarom niet-ontvankelijk moest worden verklaard. Het hoger beroep van appellante sub 1 werd eveneens niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een actueel en reëel belang, aangezien de rechtsgevolgen van de weigering om handhavend op te treden in stand waren gelaten.
De Afdeling ging niet inhoudelijk in op de gronden van appellante sub 1 en het college. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan in het openbaar op 1 november 2017.
Uitkomst: De hoger beroepen van appellante en het college worden niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding en ontbreken van procesbelang.