ECLI:NL:RVS:2017:3218
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- B.P. Vermeulen
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag Nederlandse paspoorten wegens ontbreken eenhoofdig gezag
Appellante, woonachtig in Peru en houdster van de Nederlandse nationaliteit, heeft meerdere malen verzocht om Nederlandse paspoorten voor haar dochters, die eveneens de Nederlandse nationaliteit bezitten. De minister van Buitenlandse Zaken heeft deze aanvragen afgewezen omdat appellante geen verklaring van toestemming van de andere ouder of een rechterlijke verklaring kon overleggen waaruit eenhoofdig gezag bleek.
De minister baseerde zijn besluit mede op het feit dat appellante en de vader van de kinderen nog steeds gehuwd zijn en gezamenlijk gezag uitoefenen. Uit Qatarese rechtspraak bleek dat appellante weliswaar 'custody' heeft, maar niet het 'guardianship', waardoor zij niet het eenhoofdig gezag bezit. De rechtbank heeft het beroep van appellante ongegrond verklaard en het besluit van de minister bevestigd.
In hoger beroep betoogde appellante dat de Qatarese rechterlijke uitspraken en haar verblijf in Peru nieuwe feiten vormden die het eenhoofdig gezag aantonen. De Afdeling oordeelde echter dat deze feiten geen wijziging in het gezag teweegbrengen en dat de minister terecht het beroep op nieuwe feiten heeft afgewezen. De Afdeling bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en het besluit van de minister.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de paspoortaanvragen bevestigd.