ECLI:NL:RVS:2017:3313
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- B.P. Vermeulen
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete voor onttrekking woonruimte aan bewoning door toeristische verhuur
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde aan de wederpartij een bestuurlijke boete van €12.000 op wegens overtreding van artikel 30 van Pro de Huisvestingswet door het onttrekken van woonruimte aan bewoning via toeristische verhuur. De rechtbank verklaarde het beroep van de wederpartij tegen het besluit op bezwaar gegrond en vernietigde het boetebesluit, stellende dat het college niet bevoegd was het besluit te nemen vanwege een overgang in de wetgeving.
In hoger beroep betoogde het college dat de bevoegdheid tot het opleggen van de boete wel bestond, omdat de Huisvestingsverordening nog steeds verwees naar de oude Huisvestingswet en dat de wijziging van de verordening niet alle hoofdstukken betrof. De Afdeling oordeelde dat de verwijzing in artikel 59 van Pro de Huisvestingsverordening naar de Huisvestingswet een kennelijke vergissing was en dat het college bevoegd bleef de boete op te leggen zonder strijd met het legaliteitsbeginsel.
De Afdeling stelde vast dat de woonruimte feitelijk was gesplitst en aan toeristen werd verhuurd, waardoor deze niet duurzaam werd bewoond door de wederpartij, ondanks zijn inschrijving in de basisregistratie persoonsgegevens. De verhuur aan toeristen was niet toegestaan als vakantieverhuur of huisbewaring. Daarom was sprake van een onttrekking aan de woonruimtevoorraad zonder vergunning, en was de boete terecht opgelegd.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep van het college gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de wederpartij ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de wederpartij tegen de bestuurlijke boete wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.