ECLI:NL:RVS:2017:816
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- A.B.M. Hent
- N.S.J. Koeman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging gedoogplicht instandhouding afsluiterschema naast pad op perceel
In deze bestuursrechtelijke zaak stond de vraag centraal of de minister terecht een gedoogplicht heeft opgelegd aan [appellant] voor het gedogen van een afsluiterschema met bijkomende werken op diens perceel, dat door Gasunie Grid Services B.V. (voorheen GTS) was aangelegd naast het afgesproken pad. De aanleg was in strijd met eerdere afspraken en werd door [appellant] betwist.
De minister had de gedoogplicht opgelegd op grond van de Belemmeringenwet Privaatrecht (BP) met het oog op de instandhouding van het afsluiterschema, dat een onmisbare schakel vormt voor de aardgastransport- en leveringszekerheid. [appellant] voerde aan dat de aanleg illegaal was en dat de minister ten onrechte alleen de instandhouding beoordeelde, zonder de aanleg mee te wegen.
De Raad van State oordeelde dat de minister bevoegd was de gedoogplicht voor de instandhouding op te leggen, ook al was de aanleg niet conform afspraak. De minister hoefde niet te beoordelen of de aanleg op de huidige locatie rechtmatig was, maar alleen of de instandhouding redelijkerwijs noodzakelijk was en of er serieus overleg was gevoerd. De rechtbank had terecht geoordeeld dat GTS een serieuze poging had gedaan tot overeenstemming te komen. Ook was het publieke belang bij instandhouding zwaarder dan het particuliere belang van [appellant]. Voorts was het niet nodig om aanvullende veiligheidsvoorschriften aan de gedoogplicht te verbinden.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de gedoogplicht voor het afsluiterschema bevestigd.