ECLI:NL:RVS:2018:1013
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H. Troostwijk
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid asielaanvraag wegens veilig derde land Koeweit
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid verklaarde op 5 januari 2017 de asielaanvraag van de vreemdeling niet-ontvankelijk omdat Koeweit als veilig derde land werd beschouwd. De rechtbank Den Haag vernietigde dit besluit op 13 juli 2017 en bepaalde dat een nieuw besluit moest worden genomen.
De staatssecretaris ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat de motivering van de staatssecretaris omtrent Koeweit als veilig derde land niet afweek van eerdere ondeugdelijke motiveringen die reeds door de Afdeling waren beoordeeld in een eerdere uitspraak van 13 december 2017.
Daarom verklaarde de Afdeling het hoger beroep kennelijk ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €501,00 aan de vreemdeling wegens door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag wegens veilig derde land Koeweit en veroordeelt de staatssecretaris tot proceskostenvergoeding.