ECLI:NL:RVS:2017:3379
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H. Troostwijk
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Beoordeling veilig derde land en niet-ontvankelijkheid asielaanvraag in relatie tot Koeweit
De zaak betreft het hoger beroep van de staatssecretaris en de vreemdeling tegen een uitspraak van de rechtbank die de niet-ontvankelijkverklaring van een asielaanvraag door de staatssecretaris vernietigde. De staatssecretaris had de aanvraag niet-ontvankelijk verklaard omdat Koeweit als veilig derde land werd beschouwd. De rechtbank oordeelde echter dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd dat het beginsel van non-refoulement in Koeweit wordt nageleefd.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het onderzoek naar de motivering van de staatssecretaris herhaald en geoordeeld dat hoewel Koeweit als veilig derde land kan worden aangemerkt zonder dat het land partij is bij het Vluchtelingenverdrag, de staatssecretaris niet voldoende heeft aangetoond dat het verbod van non-refoulement wordt nageleefd. Tevens is vastgesteld dat de vreemdeling een zodanige band met Koeweit heeft en dat hij niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij niet wordt toegelaten tot Koeweit.
De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het incidenteel hoger beroep van de vreemdeling gegrond en het hoger beroep van de staatssecretaris ongegrond. De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. De uitspraak bevat tevens een uitgebreide motivering over de eisen waaraan een veilig derde land moet voldoen en de wijze waarop de staatssecretaris dit moet onderzoeken en motiveren.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt de vernietiging van het besluit tot niet-ontvankelijkheid wegens onvoldoende motivering omtrent non-refoulement en veroordeelt de staatssecretaris tot proceskostenvergoeding.